Nagellak die niet afbladdert: 6 tips voor een manicure thuis

Je hebt net zorgvuldig je nagels gelakt, en twee dagen later zit er al een schilfer aan je wijsvinger. Herkenbaar? Afbladderende nagellak is een van de meest gehoorde ergernissen bij een manicure thuis. Toch ligt het meestal niet aan de lak zelf, maar aan kleine dingen in de voorbereiding en de manier van aanbrengen.

In een nagelstudio volgen ze een vaste volgorde die je prima zelf kunt overnemen. Met de zes tips hieronder kom je een flink eind richting een salonwaardig resultaat dat ook nog eens langer blijft zitten.

1. Begin met schone, vetvrije nagels

Nagellak hecht slecht op een nagel met een laagje vet, crème of oude lakresten. Verwijder eerst alle oude nagellak en was daarna je handen met zeep. Heb je net handcrème gebruikt? Wacht dan even met lakken of veeg je nagels af met een wattenschijfje met een beetje remover of alcohol.

Vijl je nagels in één richting in plaats van heen en weer. Zo voorkom je rafelige randjes, die later een startpunt kunnen worden voor afbladderen. Duw ook je nagelriemen voorzichtig terug, zodat de lak niet op de huid terechtkomt.

2. Sla de basecoat niet over

Een basecoat lijkt misschien een overbodige extra stap, maar hij doet echt werk. Hij zorgt voor een betere hechting tussen je natuurlijke nagel en de gekleurde lak, en beschermt je nagels tegen verkleuring door donkere kleuren.

Breng een dunne laag aan en laat die volledig drogen voordat je verdergaat. Heb je last van ribbels of een oneffen nageloppervlak, dan kun je kiezen voor een basecoat die de nagel gladder maakt. Wil je weten welke producten goed beoordeeld worden, dan vind je bij Cosmetica Chick overzichten en lijstjes van cosmetica die je kunnen helpen bij het kiezen.

3. Werk met dunne lagen

De grootste fout bij thuis lakken is in één keer een dikke laag aanbrengen. Een dikke laag droogt aan de buitenkant sneller dan aan de binnenkant, waardoor hij zacht blijft en makkelijk deukt of afbladdert. Twee of drie dunne lagen geven een veel steviger en mooier resultaat.

Zo pak je het aan:

  • Veeg het kwastje aan één kant af aan de flesrand.
  • Zet een streep in het midden en werk daarna de zijkanten af.
  • Laat tussen elke laag minstens twee minuten drogen.
  • Blijf een klein stukje weg van de nagelriem en de zijkanten.

4. Seal de punten van je nagels

Afbladderen begint bijna altijd aan de toppen van je nagels, omdat die het meest te verduren krijgen. Een handige truc is om bij elke laag ook even met het kwastje over de voorkant van de nagelpunt te gaan. Dit heet cappen of sealen, en het vormt een soort beschermrandje rond de nagel.

Doe dit met de gekleurde lak en met de topcoat. Het kost nauwelijks extra tijd, maar je merkt het verschil vaak al na een paar dagen.

5. Eindig met een goede topcoat

De topcoat is je schild tegen krassen, water en dagelijks gebruik. Breng hem aan als de laatste kleurlaag nog net niet helemaal hard is, zodat de lagen goed samensmelten. Een topcoat geeft bovendien die glanzende finish die je kent van de salon.

Een extra tip: breng om de twee of drie dagen een nieuwe dunne laag topcoat aan. Daarmee frist je manicure op en verleng je de houdbaarheid flink.

6. Geef je lak de tijd en wees zuinig op je handen

Nagellak voelt vaak na tien minuten droog aan, maar is dan nog lang niet volledig uitgehard. Vermijd de eerste uren heet water, zoals afwassen of een lange douche, want warmte en vocht kunnen de lak zacht maken.

Draag daarna handschoenen bij huishoudelijke klusjes en gebruik je nagels niet als gereedschap om blikjes open te maken of stickers los te peuteren. Smeer je handen en nagelriemen regelmatig in met een verzorgende olie of crème, zodat je nagels soepel blijven en minder snel breken.